Een Amerikaans lesbisch koppel, beiden doof geboren, wilden graag een baby. Het zou 'een geschenk' zijn. Maar liefst een dove baby: dat zou pas 'een bijzonder geschenk uit de hemel' zijn.
Bij spermabanken vingen ze bot omdat erfelijke doofheid een van de redenen is waarom een spermabank een donor weigert. Uiteindelijk klopten ze aan bij een dove vriend. Nu hebben ze een zoontje van vier maanden oud, dat alleen met zijn rechteroor een heel klein beetje kan horen.
De lesbiennes krijgen nu een stortvloed van kritiek over zich heen. Zelf zien zij geen graten in hun keuze. Omdat ze beiden doof geboren zijn, zien ze doofheid niet als een handicap of niet als een medische aandoening die moet verholpen worden, maar als een identiteit.
Eerder kregen de twee vrouwen al een dochtertje dat doof is, verwekt met sperma van dezelfde donor. Zij zijn er beiden van overtuigd dat ze betere ouders zijn voor een doof kind omdat ze het beter kunnen begeleiden. En heel wat dove mensen zouden dezelfde wens koesteren, denken zij.
Het nu pas uitgelekte nieuws lokt wel heel wat kritiek uit. Een professor bio-ethiek vindt het een schande dat er op die manier een beperking wordt gezet op de mogelijkheden van een kind en ook de 'Amerikaanse Nationale Vereniging voor Doven' reageert afkeurend: "Wij begrijpen niet waarom iemand per sé een gehandicapt kind op de wereld wil zetten", heet het daar. Niet alleen in de Verenigde Staten klinkt negatieve kritiek.
Ook professor Paul Devroey van het fertiliteitcentrum van de Brusselse Universiteit is verbaasd. Meestal vragen mensen die blind of doof zijn juist om dat probleem te vermijden bij de kunstmatige bevruchting, precies omdat die handicap hun leven zo getekend heeft. Als dit ooit zou gevraagd worden dan zou die vraag nooit groen licht krijgen van het ethische comité, maakt de professor zich sterk.