De ophanging van twee homojongeren in het Iraanse Mashad zette de Vlaamse Werkgroep Internationale Solidariteit met Holebi's (WISH) ertoe aan om een brief te sturen naar minister van Buitenlandse Zaken De Gucht.
De minister reageerde ondertussen op de brief van de werkgroep van Antwerpse Het Roze Huis, die zich ernstige zorgen maakt over de gebeurtenissen in Iran.
"Ik heb uw mail goed ontvangen en kennis genomen van uw verbijstering en verontwaardiging over de terechtstelling van de twee jonge homoseksuelen op 19 juli te Mashad in Iran", schrijft minister De Gucht (foto) in zijn reactie.
Geen minderjarigen executeren
"Deze droevige zaak heeft om twee specifieke redenen mijn bezorgdheid gewekt", stelt de bewindsman in zijn brief. "De eerste is de terechtstelling van twee personen die - volgens de informatie waarover wij beschikken - minderjarig waren op het moment van de daden die hen ten laste gelegd werden en het feit dat één van hen bovendien nog steeds minderjarig was op het moment van zijn verhanging. Indien deze feiten kloppen, zou dit een flagrante schending zijn van het moratorium op de terechtstelling van minderjarigen dat goedgekeurd werd door Iran in het kader van de Dialoog met de Europese Unie over de Mensenrechten. Bovendien zou het een ernstige tekortkoming zijn van Iran in de naleving van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten en van de Conventie van de Verenigde Naties over de Rechten van het Kind, twee internationale overeenkomsten die getekend werden door Iran."
Doodstraf omwille van homoseksualiteit kan niet
"Het tweede bijzonder verontrustende aspect van deze zaak is de toepassing van de doodstraf, ogenschijnlijk voor homoseksuele daden", aldus De Gucht. "België en de EU hebben zich resoluut verzet tegen de doodstraf en dit voor om het even welk feit voor om het even welke persoon. De terdoodveroordeling op grond van seksuele geaardheid is voor ons onaanvaardbaar en kan daarom niet in stilte worden voltrokken."
Zaakgelastigde Iran ontboden
De minister gaat verder:
"Mijn bezorgdheid omtrent deze gebeurtenis heeft mij ertoe aangezet op dinsdag 26 juli de Iraanse zaakgelastigde ad interim te ontbieden en uitleg te vragen over deze twee terechtstellingen."
"Deze heeft mij verklaard dat volgens de informatie die hij dezelfde ochtend van Teheran verkregen had, de twee jongemannen ouder dan 18 jaar waren op het moment van de feiten. Ze zouden bovendien veroordeeld geworden zijn voor de ontvoering en verkrachting van een minderjarige, punten van tenlastelegging waarop in Iran de doodstraf staat."
Verkrachting?
"Deze jongeren zouden dus niet alleen omwille van homoseksuele handelingen veroordeeld zijn", gaat de minister verder. "Uit de inlichtingen van mijn diensten blijkt dat het Iraanse strafrecht - gebaseerd op de sharia - homoseksualiteit als een misdaad beschouwt en de doodstraf voorziet voor bepaalde handelingen. Toch schijnt de doodstraf zelden toegepast te worden voor dit motief alleen."
"Desalniettemin heb ik de zaakgelastigde herinnerd aan onze principiële afkeuring van de doodstraf en lijfstraffen. Beide veroordeelden van Mashad hebben inderdaad - volgens onze inlichtingen - meerdere honderden zweepslagen gekregen vóór hun executie. Daarnaast heb ik benadrukt dat de uitvoering van de doodstraf om redenen van seksuele geaardheid door België en door de andere Lidstaten van de Europese Unie als volledig onaanvaardbaar beschouwd wordt."
Ons land blijft waakzaam
"Tenslotte heb ik de zaakgelastigde erop gewezen dat België, in overeenstemming met de EU-partners, zeer waakzaam zal blijven ten opzichte van eventuele nieuwe ontwikkelingen in deze en elke andere gelijkaardige zaak."
De minister besluit zijn brief: "Ik kan u verzekeren dat dit soort vragen mij persoonlijk ter harte gaan en u kunt er tevens op rekenen dat ik vastberaden ben deze zaken op te volgen."
Minister neemt deze zaak serieus
WISH is tevreden over het feit dat minister De Gucht en het federale ministerie van Buitenlandse Zaken deze kwestie bijzonder au sérieux nemen. De recente feiten illustreren de precaire omstandigheden waarin homoseksuelen in Iran moeten leven.
In sommige omstandigheden dreigen ze het in de praktijk brengen van hun seksuele geaardheid met de dood te moeten bekopen.
Het ligt voor de hand dat er ook Iraanse asielzoekers (kunnen) zijn die op grond van hun seksuele geaardheid hier willen worden erkend als vluchteling. WISH gaat ervan uit dat onze Dienst Vreemdelingenzaken vragen van homoseksuele Iraniërs (m/v) met de grootste zorg zal onderzoeken en afhandelen. Ons land mag in geen geval asielzoekers terugsturen wanneer ze daarbij vervolging of, erger nog, de dood riskeren. Landen als Zweden en Nederland beslisten onlangs om niet langer homoseksuele asielzoekers uit Iran terug te sturen. Ze willen eerst meer onderzoek verrichten rond de situatie van holebi's in de islamitische republiek.